New York University
Because our prize is about the connection between secondary and higher education we want to learn more on how this is being organized in two very different top countries. We want to try to answer the following questions:
· How is the cooperation between secondary and higher education? Is this nationally, state wide or locally organized? What are good practices?
· Are there problems in the connection/transfer from secondary to higher education? If yes, what are they? Are there organizations working on solving these problems?
· How do you keep students enthusiastic for mathematics in K-12 (and beyond)? What are good practices?
Vandaag gaan we Sylvain Cappell en Fred Greenleaf, beiden professoren bij het Mathematics Dept. van NYU, ontmoeten. We namen de loop van het gesprek door (introductie, de bovenstaande vragen stellen en nog wat over DisWis Poincaré praten, aangezien Sylvain Cappell topoloog is) en gingen prima voorbereid op pad richting het Courant institute. Ruim op tijd lopen we het gebouw in en begeven ons naar de bovenste verdieping om in de lounge Sylvain Cappell en Fred Greenleaf te ontmoeten. De lounge, een aantal tafels en banken, is heel stil met hier en daar een wiskundestudent. Enkele minuten te laat komt Sylvain Cappell binnen, gaat zitten en begint te praten over het wiskundeonderwijs in de Verenigde staten. Na 10 minuten belt hij Fred om te vragen waar hij blijft en enkele minuten later voegt hij zich ook bij ons.
Het eerste deel van het gesprek gaat vooral over de deplorabele situatie rond math op het primair en secondair onderwijs. Vooral Sylvain praat graag en veel, maar het lukt ons wel om het ook over de aansluiting te hebben tussen high school, college en universiteit. Volgens Fred en Sylvain zijn er een aantal redenen waarom, ondanks het slechte wiskundeonderwijs op primary, middle en high school wiskunde op de universiteit toch van een hoog niveau is (en om dat te illustreren: tijdens het gesprek kwamen twee Abel Prize winnaars de lounge binnen wandelen): 1. bijles van leerlingen buiten school om, veelal door de ouders zelf, 2. een groot gedeelte van de studenten komt uit het buitenland, 3. je hoeft in de USA pas heel laat te kiezen wat je echt gaat doen, en 4. talent wordt toch wel op high school gespot (via docenten) en die leerlingen worden dan informeel (dus gratis en niet officieel) door mensen als Fred en Sylvain begeleid. Ten slotte maakt het ook uit dat er in de USA strenge selectie plaats vindt.
Er is verder nog veel meer besproken, voor nu is het vooral leuk om te vermelden dat Sylvain nog even voor ons heeft geregeld dat we bij Stuyvesant High School mogen kijken; een highschool gespecialiseerd in math en science en waarschijnlijk de beste high school van de USA. Zijn vrouw geeft er namelijk les, dus dat was makkelijk.
Na het gesprek moeten we even bijkomen van de woordenstortvloed, voornamelijk van Sylvain, maar goede espresso is altijd wel te vinden in New York en een goedkope Chinees ook for that matter. Morgen gaan we in de ochtend langs bij Stuyvesant en bij Math for America. Eens kijken wat we leren van de niet-academici.